Geloven is een kwestie van…
Ja van wat eigenlijk?
Stel, er is een examen voor het een of ander en één van de multiple-choicevragen luidt: Geloven is een kwestie van…?
Er kan worden gekozen uit de volgende antwoorden:
A: traditie
B: gezond verstand
C: vertrouwen
Antwoord A kan juist zijn. Hoeveel mensen geloven er niet enkel omdat het geloof ze met de paplepel is ingegoten, zonder dat het ooit werkelijk wortel schoot in hun leven.
Geloven is een kwestie van vertrouwen, antwoord C. Dat klinkt beter. Het laat goed doorklinken dat geloof een kwestie van je overgeven is, je kunt het niet bewijzen, je moet het ‘maar’ geloven…
En antwoord B?
Wat denk je, zou antwoord B veel kans maken? Ik denk het niet. De Bijbel zegt zelf dat het evangelie een dwaasheid is voor de mensen die op hun verstand afgaan. De Bijbel vertelt ook dat Paulus werd uitgelachen, toen hij in Athene getuigde van zijn geloof in de opstanding van de doden. Ja, ja, daar zouden ze hem nog wel een keer over horen.
Nee dus.
En zo is er meer in het christelijk geloof dat voor het gezond verstand niet acceptabel is: lopen op water, brood uit lege handen, Gods zorg in tegenspoed, hemel en hel, eeuwig leven en zo kun je nog wel even doorgaan.
En toch…
De Bijbel kent wel degelijk óók het beroep op het gezond verstand. Jezus zelf zei ooit tegen mensen die Hem niet als de Messias accepteerden: ‘Als jullie Mij dan niet op mijn woord willen geloven, geloof dan tenminste om de wonderen die je ziet.’
Ja, dat was een goed argument, daar zal menigeen, toen hij weer thuis was, nog wel eens goed over hebben nagedacht. Die wonderen zagen ze immers voor hun ogen gebeuren. En dat niet in de af-en-toe-frequentie waarmee een Elia of een Elisa hun wonderen verrichtten maar, om zo te zeggen, aan de lopende band. Deze man bracht in de praktijk wat de profeten hadden voorspeld: blinden zouden zien, lammen lopen en gekromden opgericht worden. Nu, daar kan het gezond verstand toch conclusies uit trekken?
Ook in de geschiedenis van de kerk is er door meer dan één een beroep gedaan op het gezond verstand.
Verderop in dit boekje kun je een stuk lezen over het christelijk genie Blaise Pascal. Na zijn dood werden meer dan duizend papiertjes gevonden waarop hij allerlei losse gedachten had genoteerd. Hij was van plan een groot werk te schrijven ter verdediging van het geloof, maar stierf op jonge leeftijd.
Later zijn deze notities gebundeld als Pensées (gedachten).
In gedachte nummer 418 schrijft Pascal: ‘Of God bestaat of niet, op redelijke gronden kunt u geen van beide uitsluiten.’
Het is aardig om te zien hoe Pascal, nadat hij dus eerst het gezond verstand als toetssteen heeft uitgesloten, in deze kwestie vervolgens alsnog een beroep doet op wat verstandig is. Want, zo gaat hij verder, stel nu eens dat u erom zou moeten wedden?
Kruis is: God bestaat. Munt: Hij bestaat niet.
Waar zou u op wedden?
Bedenk hierbij dit: als u verliest, verliest u niets, als u wint, wint u alles, aarzel dus niet en wed erop dat Hij bestaat!
Een predikant hield dit principe eens voor aan een taxichauffeur in Londen. Die draaide zich half om en zei over zijn schouder: ‘Ik heb altijd medelijden met jullie met je Bijbel. Je hele leven hoop je op een beloning aan het eind, alleen maar om erachter te komen dat er helemaal niets is.’ De man barstte in lachen uit.
De predikant lachte ook en antwoordde: ‘Niet te snel, beste man. Ga eens na: mijn leven lang heb ik een doel voor ogen, ik weet dat ik er niet toevallig ben, dat er Iemand is die mij liefheeft, dat er voor mij wordt gezorgd in voor- en tegenspoed en aan het eind wacht mij, als ik toch ongelijk blijk te hebben, niet eens de teleurstelling dat ik me heb vergist, want er is gewoon niets!
Maar nu jij: je leeft op eigen kracht, ten diepste ben je alleen, je probeert zin te geven aan een zinloos bestaan, doet je uiterste best om gezond te blijven, hebt mensen lief die een even zinloos bestaan leiden, je hebt geen hoop of houvast in tegenspoed. Ten slotte nemen onontkoombaar je krachten af en sterf je, met, als je fout zat, de schok van je ‘leven’ in het verschiet: je blijkt te worden opgewacht door Degene wiens bestaan je een leven lang hebt ontkend. Alles waarvoor je hebt geleefd, blijkt waardeloos te zijn geweest.’
Psalm 73 vers 12 & 17
Zo zijn de goddelozen ten voeten uit,
ze verrijken zich, onverstoorbaar.
tot ik Gods heiligdom binnenging
en mij hun einde voor ogen bracht.